Zoo werd u 't wigt der kommervolle dagen ten lest te zwaar en naamt ge, t'enden raad, uw daadkracht saam tot éénen wanhoopsdaad, de pijlers breekend die niet konden schragen zachte, bescheiden broeder! teedre vrind! te vroeg gebooren kind van beeter tijden, waarin der menschen vluchtige uuren glijden met ligter gang, en elk zijn bloeitijd vindt,

Zonderling," prevelde hij bij zich zelven, "dat er twee menschen zouden zijn, die zulk een stout waagstuk ondernemen; een slot en boeien op een blauw veld; wat moet dat beduiden? Ziet ge niets anders, Rebekka, waardoor de Zwarte Ridder zich onderscheidt?" "Niets," zei de Jodin; "alles wat hij aan heeft is zwart, als de vleugel van de raaf.

Ick noem dese menschen onkristelyk, omdat sy groetelyks sondigen tegen de liefde en de regtvaerdigheydt Godts, want ten eersten sondigen sy tegen de liefde, die ons leert: Quod tibi non vis fieri alteri ne feceris. Dat gy niet en wieldt dat u geschied Doe dat ock aen uwen naesten niet. Wie is er die soude willen, dat sulks aen hem soude geschieden; ergo doet het niet aen uwen evenaesten.

Dat bijv. het zeewater zout is, kan als een gevolg van het toeval beschouwd worden, doch de op blz. 7 gemelde oorzaak heeft de organisatie der zeevisschen voor het leven in dit zoute water geschikt gemaakt, omdat die schepselen, niet ten gevolge hunner eigen denking, de zee zijn gaan bewonen. Wij menschen verkeeren daarentegen in een ander geval.

En toch leefden daar voort achter al die donkere gevels die duizenden van menschen als eene onhoorbare groezeling van larven. Het scheen mij altijd of er iets gruwelijks ging gebeuren achter die als met-rouw-behangen hooge muren, in die kuilen en grotten en kelders die de straten en de pleinen waren.

Aan het voorkomen en de kleedij van de menschen, hun huizen en erven, de breede wel-onderhouden wegen is het te zien dat het dagelijksch leven er zijn eisch heeft en nog een begin van overvloed ook. De dorpsvelden zijn goed verzorgd. Er staat vee in de stallen, roodbruine runderen en ruige grauwe buffels die den ploeg trekken door den drassigen akker, een enkele heeft een paardje.

Op den ganzerik en de anderen. De menschen hadden toch geen begrip van wat ze deden! Zoo ging de tocht weer voort door de stille lucht, en alles was doodstil als te voren; alleen enkele afgematte vogels riepen nu en dan: "Zijn we er gauw? Weet jelui wel zeker, dat we op den goeden weg zijn?" En dan antwoordden zij, die vooraan vlogen: "We vliegen recht op

Hij zal u alle soorten van gekheden wijsmaken en u zeggen, dat uwe nicht leelijk is, maar hij bedriegt u. Theresia De Wit is een schoon, lieftallig en vroolijk meisje; en, mocht men de menschen aan bovennatuurlijke wezens vergelijken, dan zou men veeleer moeten zeggen, dat zij een engel is." "Een engel! Waar zijn toch uwe zinnen, vrouw," riep Jakob met verontwaardiging.

Behoefte aan verdediging tegen de gemeenschappelijke vijanden, hetzij dan menschen, wilde dieren, of vernielende natuurverschijnselen, was ongetwijfeld de eerste aanleiding tot deze soort van vereenigingen, waarvan het groote doel, ook nu nog, onderling hulpbetoon is. De grondslag en onmisbare voorwaarde dezer eigenaardige inrichting is het communaal grondbezit.

Het grootste opzien wekte het, toen op zekeren dag ook de dokter zijn plaats onder den preekstoel innam. De predikant had hem bij een ziekenbezoek ontmoet, waar de dokter met zijn gewone openhartigheid verklaarde, dat het er niet veel op aankwam of de zieke al met den predikant sprak, ja of neen, want het ware Christendom konden de menschen toch maar alleen van het leven zelf leeren.