Ge begrypt echter dat ik nu zoo-iets niet meer doen zou, ook al ware daartoe zooveel aanleiding als in die dagen ... kom eens hier, Max neen, vang dat beestje niet kom hier? Hoor eens, je moet nooit kapellen vangen. Dat arme dier heeft eerst langen tyd als rups op een boom rondgekropen, dat was geen vroolyk leven!

Toen gelukte het hem, om den rotshoek heen te kijken. Hij zag, dat zich daar het randje weer breeder voortzette en vrij goed begaanbaar scheen. Slechts door den hoek om te stappen, zou hij echter dien rand kunnen bereiken. Meer dan levensgevaarlijk was deze toer. Misschien zou het lukken.

"Francis! my darling, zou ik den nacht hier niet mogen doorbrengen? in alle geheimzinnigheid dat spreekt vanzelf," voegde hij er bij, ziende dat zij het voorhoofd fronste. "Ik zou het wel willen voor u Rudolf! maar ik zou niet weten waar." "Och kom! er zijn zooveel logeerkamers in mijns vaders huis."

"Hoe jammer," zei de soldaat, "ik zou die mooie prinses wel eens willen zien," en hij was er trotsch op, de soldaat, dat hij een soldaat was; maar dat zei hij niet tegen den koetsier. Van dien tijd af, dacht de soldaat veel aan de prinses en verlangde hij altijd weer haar te zien. Och, och, wat had onze soldaat nu een mooi leventje; er kwam maar geen einde aan de pret.

En waar is 't eerste konyntje van-daan gekomen? En de eerste appel? Of 't eerste pitje? En wat zou er eerst geweest zyn, een appel of 'n pit? En God? Toen hy aan 't scheppen ging, moest hy toch een wil gehad hebben. Wat deed hy met dien wil, toen er niets was? Ik begryp er niets van, en zou 't toch zoo graag willen weten.

Misschien was Lidewyde haar mindere in geboorte, en stellig was er in haar eigen leven een tijd geweest, dat zij het regt zou gehad hebben, haar ook als hare mindere in maatschappelijken rang te beschouwen. Doch wat zou dit? Zij was oud; zij was nooit eene schoonheid geweest; zij had met het verledene onherroepelijk afgerekend.

En nu deed haar groote vriend met behulp van zijn vingers, die hij naar zijn lippen had gebracht, zoo'n scherp vogelgeschreeuw hooren, dat de krachtigste zanger van het bosch er zich in zou vergist hebben. Dit geschreeuw, dat zonder twijfel verscheidene mijlen ver in den omtrek werd gehoord, werd weldra beantwoord. Van drie verschillende kanten antwoordde hem een dergelijk geschreeuw.

Ware hij niet zoo volkomen lijdelijk, deze Mikado zou eene tragische figuur zijn: de incarnatie van het gestorven verleden, waarvoor in het levend heden geene plaats meer is. Vergeefs trekt hij zich terug in de geheimzinnige schemering van het heilig halfduister: ook hij zal in het volle licht moeten treden, ook over hem zal het onverbiddelijk gericht der historie gaan. De dubbele monarchie.

De gravin betaalde daarop den wagenmaker, gaf den knaap eene ruime fooi en zette zich met hare beide dochters in den wagen neder. Voordat hij in het rijtuig steeg, fluisterde de jongeling zijnen nieuwen bekende in het oor, dat hun kasteel drie uren verder lag, dat de knaap derwaarts moest gaan en zich tot den tuinman van het slot wenden, die hem stellig zeer vriendelijk zou ontvangen.

Ware zijne studie van het menschelijk hart oppervlakkiger geweest, of had hij de onmisbaarheid eener goddelijke genade, aan wier tusschenkomst hij voor zichzelven alles te danken had, minder diep beseft, hij zou pogingen aangewend hebben om hen tot boete en bekeering te brengen. Thans gedacht hij hen alleen in zijne gebeden.