Vietnam or Thailand ? Vote for the TOP Country of the Week !

Bijgewerkt: 30 september 2025


Dezen, van hunnen kant, gevoelden diep het verlies van twee leden van het huisgezin, die zooveel tot het genot der samenleving medegewerkt hadden. Ulrica was in 't eerst als troosteloos: haar smart werd door den tijd en het ontvangen van goede berichten wel eenigszins gelenigd; doch met het vorderen der jaren groeide ook het besef van het eenige, het ledige van haar toestand.

"Er zijn twee uitnoodigingen gekomen voor Uwe Doorl.: de eene, om de plechtige hulde van den Hofbeer te komen bijwonen; de andere, om den ondertrouw van Jonkheer Jacob Mom met Jonkvrouwe Ulrica Van Reede tot Sonheuvel met uw tegenwoordigheid te vereeren. De Heer Baron zal zijn verzoek in persoon bij Uwe Doorl. komen herhalen, en de Ambtman verzocht ook, zijn opwachting te mogen maken."

Was het afscheid aandoenlijk geweest, het wederzien was hartelijk en roerend, echter minder dan men, uit hetgeen tot nog toe van de hoofdpersonen dezer geschiedenis verhaald is, zou kunnen opmaken. Er waren jaren verloopen. Joan en Ulrica waren geen kinderen meer: de betrekking, die tusschen hen bestaan had, en die nu ook Ulrica wist dat op een valschen grond gesteund had, was verbroken.

De gedaante van de waanzinnige Ulrica was lang zichtbaar op de hooge standplaats, die zij uitgekozen had, en zij strekte de armen met woeste drift uit, alsof zij de leidster van den door haar ontstoken brand ware. Eindelijk stortte met een verschrikkelijk gekraak de geheele toren in, en zij kwam in dezelfde vlammen om, die haar tiran verteerd hadden.

Op het nagerecht, toen Ulrica, in wier bevallig uiterlijke en minnelijke hoedanigheden de Gravin een groot welgevallen scheen te hebben, zich ter ruste had begeven, viel het gesprek wederom op de lotgevallen dezer laatste.

"Dat doe ik," hernam zij, eenigszins berouw gevoelende over hare overijlde woorden: "en ik meende het ook zoo kwaad niet. Maar nu, die Spanjoolsche daargelaten, ik bid je, maak toch, dat je weer bij Mijnheer in genade wordt aangenomen; want waarlijk, het loopt anders slecht met je af. Ik geloof niet aan al die praatjes, die over u gaan, en Freule Ulrica ook niet, meen ik...."

"Zijnde zijn grootste lof en glorie," merkte Mom aan, "dat hij een maagd met zich gevoerd heeft, welke hij ongerept en ongedeerd terug heeft gebracht in het vaderland." "Waarlijk iets ongewoons," zeide Ulrica: "en wie was die gelukkige?" "Zijn degen, Freule!" antwoordde de Ambtman.

Gij moet aan Ulrica maar zeggen, dat ik niet afkom, dat ik wat pijn in 't hoofd heb.... of dat ik wat jichtig ben." "Pijn in 't hoofd! Dat zal immers niemand gelooven! UEd. is immers altijd gezond. Jichtig! daar geeft UEd. ook wat om! Als ik zoo iets verhaalde, dan ging van avond het praatje door 't dorp, dat UEd.

"Zij smaakt die reeds," antwoordde Ulrica, voor het bed van Front-de-Boeuf tredende; "zij heeft lang uit dezen beker gedronken, en de bitterheid er van wordt verzoet door de zekerheid, dat die ook aan uw lippen niet vreemd is gebleven. Knars niet met de tanden, Front-de-Boeuf, rol niet met de oogen; bal uw vuist niet, en dreig mij niet meer!

Nu is uw vader zoo goed mij een schuilplaats te leveren in zijn kasteel, buiten weten van iemand, dan alleen van Bouke: en nu zijt gij de derde in het geheim. Durft gij nu aannemen, mij te beloven, aan niemand ook aan Ulrica niet, te vertellen, dat gij mij hier gezien hebt, zoo zult gij mij levenslang aan u verplichten." "Dat beloof ik u op mijn woord," zeide Joan, hem de hand gevende.

Woord Van De Dag

êken

Anderen Op Zoek