En Else, goeie Elsi, die heelemaal niet begreep, wat ze voor kwaad gedaan had, zou ze morgen vragen niet meer boos te zijn. Ieder mensch was immers anders: Elsi kon veel van Han houden, en toch flirten met 'n ander, terwijl zij Er kwam weer 'n man 't grachtje af, die haastiger ging stappen, toen hij 't huis naderde. "Ben jij 't, ? Hoe kom jij verzeild op dit stille grachtje?"

Ik deed dit laatste uit vollen vrijen wil, maar het kostte meer dan ik offeren kon; en ik had het moeten opgeven zoo de ontmoeting met tante Roselaer en hare edelmoedigheid mij niet te hulp ware gekomen.

Hoe kon het mij in de gedachten komen, dat ik eenmaal vreugde en kennis onder de menschen zou verspreiden? Ik kan het zelf nog niet begrijpen, maar het is toch werkelijk zoo! Onze God weet, dat ik daartoe zelf niets gedaan heb, dan wat ik overeenkomstig mijn zwakke krachten voor mijn bestaan doen moest; en toch brengt Hij mij van de eene vreugde en eer tot de andere.

En wie dacht ooit anders of het was eene vergissing, dat ik het opium had gegeven? Maar dat is een van die weinige dingen, waarover ik nu blijde ben. Het spijt mij niet tot op dezen dag; hij is ten minste buiten leed. Wat beters dan de dood kon ik hem geven, het arme kind?

Als hij wilde, kon hij wat er in hem omging volkomen verbergen, en aan zijn uiterlijk kon ik dan ook volstrekt niet bemerken, of hij al dan niet tevreden was over den stand van zaken. Onze cliënt werd bij onze komst nog steeds door zijn trouwe verpleegster verzorgd, maar hij zag er nu toch veel beter uit dan den vorigen dag.

Zy vond zich weer in de armen Des Jonglings, voor wiens drift geen deugd haar kon beschermen. Hy wien haar hart aanbad, en 't aan zich-zelf beleed, Terwijl het hem 't verwijt van al haar jammer deed.

De grootste onaangenaamheid in Petersburg echter was deze, dat, zooals het scheen, Alexei Alexandrowitsch en zijn naam overal waren. Men kon geen gesprek aanknoopen, zonder dat het op Alexei Alexandrowitsch viel, men kon nergens heen rijden zonder hem te ontmoeten.

Darius kon niet voortgaan, want Zopyrus was, onder luid gejuich, hem om den hals gevallen. Ook Bartja, Gyges en de satraap Oroetes verheugden zich van harte over zijne mededeeling, en drongen bij den verhaler aan, om hun het einde te doen kennen.

"Mijn zoon en mijn dochter," zei donna Elisa snikkend. "Ik heb mijn zoon zoowel als mijn dochter verloren." Donna Micaela trachtte zich op te richten, maar zij kon niet. Haar lichaam lag nog in een verstijving, hoewel haar ziel reeds ontwaakt was. "Cavaliere, cavaliere," zei donna Elisa "kunt gij het begrijpen?

Deze vereenigde magten hadden den ondergang besloten van Nederland, dat alzoo van alle uitzigt op hulp van buiten was verstoken. Hoe kon de uitslag van dien strijd twijfelachtig zijn? Hoe was het den Nederlanders mogelijk, ook bij de moedigste kracht-inspanning, zoo vele vijanden met hoop op gunstigen uitslag te wederstaan?