Wij reden en kringelden tot wij moe, doodmoe waren; wij reden ieder op zichzelf en wij reden samen; en als wij samen reden was het, voor mij althans, een zaligheid waarvoor geen woorden zijn te vinden; wij reden en wij bleven rijden; en ik weet niet wanneer wij er wel mee zouden uitgescheiden zijn, als niet de zon achter den heuvel was verdwenen, wat voor onmiddellijk gevolg had, dat Papa en Mama en "Auntie" eensklaps een ijzige koude voelden in hun rug, en meteen van de bank opstonden, en verklaarden dat het tijd, hoog tijd was om nu naar huis thee te gaan drinken, zooals afgesproken was.

Ondanks den nood en de trage herstelling van vader Damhout, was elkeen in dit huishouden gelukkig. Bovenal was het hart der moeder met een gevoel van hoogmoed en van zaligheid vervuld. Soms kon zij des avonds uren lang in stilte haren zoon bestaren, terwijl hij, ofschoon vermoeid van den arbeid, nog met inspanning het hoofd over zijne boeken hield gebogen.

"Er is tusschen onze beide levens, tusschen onze beide zielen, eene ontmoeting van geluk geweest, die eene bizondere zaligheid, eene bizondere gunst van den hemel was. Gelooft u dat ook niet? O, als ik maar de woorden had u te zeggen hoe dankbaar ik in mijn innigste ziel ben voor dat geluk. Als ik ooit later op mijn leven terugzie, dan zal ik er altijd tusschen veel leelijks en zwarts d

En doodmoede maar zalig sliep ik in mijn verbindselen en windselen in, denkende meer dan balkend ditmaal: Charis! O mijn Liefde, o Charis!! Een tijd van ongekende zaligheid brak voor mij aan, al was ik een ezel.

Mijn ideaal van zaligheid en deugd, ’t Volmaakte, waar ik immer naar zal streven,” Zoo spreekt de roosis een kortstondig leven, Vol kleur en geur en teederheid en jeugd.” „Is d

Allen waren we heel aangedaan door het wederzien; zonder een woord te spreken, sloot u ons een voor een aan 't hart, zoo innig, zoo vast, als om ons nooit weder los te laten. En daar aan uw hart schreiden we van stil, dankbaar geluk. Toen uw dochter wakker werd, was haar kussen nat van tranen. En den heelen morgen was ze weemoedig gestemd, omdat die zaligheid slechts was een droom!

Geeft Hij niet, wat wij begeeren, zoo doet Hij dit om 't meerdere in de plaats te geven. Hij maakt alles schoon op Zijn tijd. Leef, geliefde gemeente, in dit geloof! Werp steeds alle bekommeringen op Hem! Het einde Zijner wegen is de glorie van Zijn Naam en de zaligheid van Zijn volk! Weest allen tezamen dan dien God en Zaligmaker bevolen door uw u liefhebbenden oud-leeraar,

Verder wenschte zij niets en om haar heen zweefde een oneindige rust, eene blauwe kalmte, als eene extaze van zaligheid. Langzaam viel de avond en de lucht bleef helder, in eene parelgrijze tint, vol sterren.

Hij blijve mij de genade verleenen, Zijnen grooten Naam te prijzen, hoe alles verder ook ga! Hij geve mij, dat mijn wil lieflijk verslonden blijve in Zijn wil! Hij geve mij eindelijk, zij 't ook na veel lijden, om den wille van Christus' lijden en gehoorzaamheid, een ruimen ingang in de zaligheid en heerlijkheid. Welk een vergoeding zal dit zijn!

Toen gleed de Dood binnen, gelukkig als een onttroonden koning, die in zijn hoogen ouderdom zijn kroon terugkrijgt, blij als een kind, dat naar zijn spel geroepen wordt. Den volgenden dag zat Mevrouw Uggla aan 't ziekbed van haar zoon en sprak met hem over de zaligheid der verloste zielen en hun heerlijk leven. "Zij werken," zeide ze, "zij werken zeker.