Vietnam or Thailand ? Vote for the TOP Country of the Week !
Bijgewerkt: 5 oktober 2025
Hij dankt haar met dat moede goedaardige oog. De weduwe verwijdert zich van het ledikant, 't Kon iemand te machtig worden. Helaas! zij weet dat er maar zeer weinig hoop op beterschap is. "Eva niet schreien;" herneemt nu Helmond. En na een oogenblik stilte: "Wij hebben elkander te zwak.... maar toch zeer liefgehad, Eva.... zeer! En, nu zullen wij scheiden lieve kind."
Soms stond hij plotsling stil, blikte om zich heen en naar den hemel op, met diepe zuchten.... Hij kon het nog niet aan, zijn nieuw geluk.... Hij was beklemd van dankbaarheid, genot en liefdevolheid.... Nooit had hij zóó het leven liefgehad.
Ja, dat deed ze! Was het maar een inval van dien avond? Neen, zij had hem al lang, al vele jaren liefgehad. Ze vergeleek zich zelf met hem en de andere menschen in Wermeland. Zij waren allen kinderen van het oogenblik. lederen opkomenden lust volgden ze. Zij leefden alleen het uiterlijke leven en hadden nooit de diepte hunner ziel gepeild.
Kind, ge hebt liefgehad, maar nimmermeer Zal uw ziel in laaien gloed ontvlammen Ge waart als een dor grasveld Een korten tijd vlamde 't op in gloed. Voor de wentelende rookwolken en de verkoolde massa's Vloden de vogelen des hemels met kreten van schrik. Zij kunnen terugkeeren! Ge zult niet meer branden, Kunt niet meer branden.
"Is het omdat ik u niet gunde dengene te beminnen, dien ik liefhad? Zijt gij daarom van mij gegaan? "Ach zuster, zuster, kondt gij mij niet minder hard straffen?" Zij boog zich voorover en kuste de doode op het voorhoofd. "Ge gelooft het niet," zei zij. "Ge weet dat ik u altijd trouw ben geweest. Ge weet dat ik u heb liefgehad."
Zijne laatste woorden waren: "Ik heb de gerechtigheid liefgehad en de goddeloosheid gehaat; daarom sterf ik hier in ballingschap." Hendrik had een jammerlijk uiteinde.
Zij woog het voor en het tegen, en ze werd al meer overtuigd, dat hij haar nooit had liefgehad. Terwijl donna Micaela dit dacht moest zij don Ferrante gezelschap houden, hij was lang ziek geweest, en had een paar aanvallen van beroerte gehad. Hij was van het ziekbed opgestaan als een gebroken man. Opeens was hij oud, stompzinnig en bang geworden, zoodat hij nooit meer alleen durfde zijn.
Toen zag zij de verandering in het aangezicht van hem, dien zij boven alle anderen had liefgehad, en haastig spreidde zij er het laken over heen. Zij bedacht hoe hij zelf gezegd had, toen zij bij het lijk van haar moeder stond: "Waarom wil je meer zien? Wat er nu over is, is niet mooi."
En zij dacht, of zij dat lichaam had liefgehad, of het zich niet had losgescheurd van iets anders, een wezen, een waas, zij wist niet wat, dat alleen zij had bemind. Maar zijn lichamelijkheid sloeg haar denken voortdurend en zij kon maar niet inzien, dat haar eindelooze begeerte bij haar was.
"Den volgenden morgen is Rodolphe mij al heel vroeg komen halen, en toen zijn we kamers gaan huren in een ander huis, die we denzelfden avond nog betrokken hebben." "En wat heeft hij gedaan, toen hij de kamer verliet, waarin we samen gewoond hebben?" vroeg Mimi; "wat heeft hij gezegd, toen hij scheidde van de kamer, waarin hij mij zoo heeft liefgehad?"
Woord Van De Dag
Anderen Op Zoek