Vietnam or Thailand ? Vote for the TOP Country of the Week !
Bijgewerkt: 14 oktober 2025
Nog een andere schoolmeesterlijke opmerking: Zou de dichter bij een herdruk niet liever als grondslag voor zijn transcriptie van Hebreeuwsche woorden in Latijnsche letters de sefardische uitspraak adopteeren, zooals die ook door de niet-Joodsche Hebraïci wordt gebruikt? En de Ajin waarvan toch niemand meer de juiste uitspraak kent, inplaats van door ng, door een willen aanduiden?
Het behoeft ons, Nederlanders, niet moeilijk te vallen, de goede eigenschappen van den Titus Andronicus te waardeeren. Het stuk was getiteld: Aran en Titus, of Wraak en Weerwraak. De dichter was een burgerjongen, een glazenmaker, zonder eenige kennis der Grieksche of Latijnsche taal; zijn naam, toen nog geheel onbekend, luidde Jan Vos.
Hij wil veel te graag duelleeren en daar 't duel in Czernovië verboden is, zal hij wel zorgen dat niemand er van hoort." "Waarom werd hij eigenlijk zoo woedend toen je die Latijnsche woorden zei?" "Wel, ik zei ze met opzet, juist om te kijken wat hij dan doen zou.
Geleidelijk, en stelselmatig, opdat de kinderen overal van konden leeren. Zóo geleidelijk, dat de bewoners in hun bedden nat regenden. Kleine Wolfgang, als metselaar gekleed, legde den eersten steen; en hoe toen de meesterknecht een redevoering wilde houden, doch middenin bleef steken, vinden wij in een van zijn Latijnsche opstellen verhaald.
Een goed voorbeeld daarvan levert ons de Latijnsche kroniek, door WILLEM, kapelaan te Brederode, opgesteld in het eerste vierdedeel der 14de eeuw. De auteur verhaalt ons daar, hoe WILLEM I, graaf van Holland, op een reis naar Duitschland door Gelderland trekt.
Ook bespeurde ik, terwijl ik den berg naderde, andere monsters, van ijselijker gestalten: monsters zooals ik later afgebeeld vond in boeken, met harde Latijnsche namen gedoopt monsters van vóór den Zondvloed, zeggen de geleerden.
De vriendschap met deze mannen bracht hem in het laatst van 1498 of het voorjaar van 1499 tot een reis naar Engeland, die voor zijne geestelijke ontwikkeling van groote beteekenis werd. Tot zijn tweede bezoek aan Parijs n.l. waren zijn studiën uitsluitend op de classieke latijnsche schrijvers gericht.
Diezelfde gedachte komt bij ons op, indien wij kennis maken met de Latijnsche bewerking der Reinaert-sage die op deze kronieken volgt, zooals in de nationale literaturen van Franschen, Duitschers en Nederlanders de bewerkingen der dier-sage op het ridder-epos.
Hijzelf heeft gedurende het verblijf in het klooster gelegenheid gehad zich veel bezig te houden met de studie van het latijn en het lezen van vele latijnsche schrijvers. En al had hij dan niet den rechten smaak in het kloosterleven, uit dezen tijd dateert toch zijn geschrift "Over de verachting van de wereld", dat voor het grootste gedeelte den lof van zulk leven bezingt .
Over de keuze van het onderwerp behoeven wij ons alzoo niet te verwonderen; andere groote dichters kozen voor hun eerste tooneelstukken iets dergelijks. Hierbij komt nog het bezigen van Latijnsche versregels en andere Latijnsche gezegden, evenals dit bij Marlowe en andere tooneelschrijvers van dien tijd veelvuldig geschiedt.
Woord Van De Dag
Anderen Op Zoek