Vietnam or Thailand ? Vote for the TOP Country of the Week !
Bijgewerkt: 17 oktober 2025
Waar treft men elders, ik zeg niet, in geheel Europa, maar in de geheele wereld, de stad aan, waar iemand, wie hij zij, burger of vreemdeling, aan een hem onbekenden man, dien hij te voren nooit gezien, van wien hij te voren nooit gehoord heeft, maar dien hij, op den hoek van de straat, uit zijn pothuis roept, een som gelds ter bezorging, een wissel ter ontvangst, een bankbriefje ter verwisseling kan toevertrouwen, zonder dat hij eenige vrees behoeft te koesteren voor schade of bedrog?
»U hebt een kat, zie ik, juffrouw,« zei Mr. Bumble, terwijl hij naar het dier keek, dat zich met haar kleintjes vóór het vuur lag te koesteren, »en kleine katjes ook!« »Ik houd zooveel van die beestjes, Mr. Bumble, dat weet u niet,« antwoordde de Moeder. »Ze zijn zoo gelukkig, zoo koddig en zoo vroolijk, dat 't mij een heele gezelligheid geeft.« »Aardige diertjes, juffrouw,« prees Mr.
Aldus uit en ontwikkelt zich de vroeg ontwaakte, spoedig werkzame, zich-zelf vormende en leidende speeldrift. Zij verwekt gevoelens van lust en welbehagen, die de volwassene met zijn nuchter verstand niet meer koesteren, zelfs veelal niet meer bevatten kan.
En ook nu, neen, de kracht der toekomende eeuw kan en zal in Jezus' Kerk niet weer bloeien, of dit gemeenschapsleven met den Heiland moet Gods kinderen de ziel weer koesteren. Nog vermoogt ge alle dingen, o, Kerk van Christus! maar alleen door Hem, die u kracht geeft.
Ja, wat meer is, zij bleef er geen wrok tegen Vondel over koesteren, en toen zij in 1654, na den dood haars mans, diens zaken op haren naam voortzette, toonde zij zich even gretig als hij 't geweest was, om des dichters werken te drukken en uit te geven.
Met zijn Indische inzichten scheen hem mijn houding in deze zaak een misdaad, en bleek hij de hoop te koesteren, dat ik, zoo al niet te Ternate dan toch zeker te Makasser in hechtenis genomen zou worden. Had de vrees voor zijn meerderen hem niet weerhouden dan zeker zou hij mij reeds te Tobelo door een paar pradjoerits achter slot en grendel hebben gezet.
Zij, die deze opvatting koesteren, zijn ernstige menschen, kalm gezeten in hun groote stoelen van riet of mandwerk, met een groote pijp in den mond en een glas bier vóór zich, hoog schuimend in het glas.
Het moet erkend, dat er onder de Hova's velen zijn, die gevoel van spaarzaamheid kennen, die de eerzucht om vooruit te komen bezitten en bij voorbeeld den wensch koesteren, koeien in eigendom te hebben. Die omstandigheden leiden ertoe, dat de liefde voor den arbeid bij hen wordt aangemoedigd.
En dan, ben je wel zeker, dat hij de roover is, van wien je spreekt? Volkomen zeker; straks was hij mij in den stal gevolgd en toen zei hij: „Je schijnt mij te kennen; als je dien goejen heer zegt wie ik ben, jaag ik je een kogel door het hoofd.” Blijft u bij hem, meneer; u heeft niets te vreezen. Zoolang hij weet dat u er is, zal hij geen wantrouwen koesteren.
Onder deze teleurstelling heeft hij veel geleden, maar tegelijkertijd was het hem een genot zich in de smart zijner ongelukkige liefde te koesteren, zooals hij eerst in een geluksroes geleefd had, waarin hij met haar dweepte, waarin zij hem een heilige was .
Woord Van De Dag
Anderen Op Zoek