Vietnam or Thailand ? Vote for the TOP Country of the Week !
Bijgewerkt: 4 oktober 2025
De uil staat daar reeds op zijn steenen nest sinds de 15de eeuw, en de klokkestem, die zijn stem is, blijkt wel een stem te zijn uit het grijs verleden, zoo oud en vreemd en gesluierd klinkt zij, beverig en grommend en langzaam de tonen uitgietend over de stad en de rivier. Dat is het eenige nachtelijke geluid in Quimperlé, die stem van lang geleden.
Ouderwetsch, mager en recht, met treurige, regelmatige trekken, als de ruïne eener schoone vrouw, herinnerde zij zich die voor een groote spiegelruit vier glinsterende breinaalden, in regelmatig, beverig menuet, met twee dorre handen, te hebben zien bewegen.
Zij was geschrikt, toen zij bemerkt had, hoe beverig het schrift der oude vrouw was en hoe duidelijk de brief de sporen droeg van door een zwakke, vermoeide hand geschreven te zijn.
Ondanks het woeden van de zee, Zal God den braven zeeman sparen! enz. O! daarmee had ik altijd succes! 't Viel mij op, dat zijn stem min of meer heesch en beverig was geworden; hij merkte 't zelf wel en zei pijnlijk glimlachend: Ahem! 'k ben nu wat verkouden, maar ik heb nòg een goed geluid, dat durf ik zeggen. Ik ben nu 'n beetje in 't achterspit, franchementdit.
Als ze nog langer alleen achter de gesloten deur wachten moest, werd ze zenuwachtig; ze had een wee gevoel in 'r lijf en stond beverig op de beenen. "Een mooi keukentje," dacht ze toch nog. Haar pakje goed, in een blauwen doek geknoopt, hield ze in de hand.
Tefara gilde en greep den arm van haar man. "Een spook!" klappertandde ze. "Een spook!" Mapoehi's gezicht was afschuwelijk geel. Hij klemde zich beverig vast aan zijn vrouw. "Goede vrouw," stamelde hij, trachtend zijn stem een anderen klank te geven. "Ik ken uw zoon goed. Hij woont aan den oostelijken oever van de lagune." Van buiten kwam het geluid van een zucht.
In de straat kermden voorbijhollende menschen en onophoudelijk floten de bommen. Ge kunt ze niet tellen, zei Snepvangers en nam een tweeden slok, terwijl hij de trage wijzers van zijn uurwerk in het oog hield. Een beetje beverig had hij het van de ketting losgemaakt en op tafel gelegd. Een wijl spraken zij geen gebenedijd woord. Spitsken lag onrustig onder tafel.
Ze had naar de Kalif geluisterd met de oogen zoo strak op de stijve vingers der speelster gevestigd, alsof ze haar de kunst wilde afzien, en.... was zij beverig geworden toen bij het einde van het eerste couplet de stem van den zanger gevoelvol het vaderland een smeltend "Vaarwel" toezong, zij trilde zichtbaar toen in het tweede couplet die stem nog welluidender klonk, maar, toen nu ten laatste nogmaals die woorden: "Vaarwel, vaar eeuwig wel, Mijn dier-baar va-der-land!"
In een lauwe onverschilligheid, met een in zich opnemen van den dag als was die heel gewoon met een blinde botheid der zenuwen, die voort bleven slapen, de kamers en de meubels langs ziende zonder ze te zien, ging zij den ochtend door. Zij was naar, beverig, als onder den invloed van een naderende ziekte, van een zware koû, die zij gevat zoû hebben. Herhaaldelijk moest zij weêr in huis gaan.
"De wind is koud!" zeide hij, "als men nu een kou vat, raakt men die niet kwijt voordat de warme tijd begint. Zijt u niet bang, om verkouden te worden?" Zijn stem klonk beverig en zijn blikken richtten zich naar den verren horizon. Hij keek niet naar de jongelieden. "Integendeel: de avond lijkt ons aangenaam en de wind heerlijk!" antwoordde Ibarra.
Woord Van De Dag
Anderen Op Zoek