Vietnam or Thailand ? Vote for the TOP Country of the Week !

Bijgewerkt: 3 oktober 2025


Vervolgens spreidt men dit uit op het grootste deegblad, altijd een paar vingers in het rond vrij latende; dan legt men het kleinere blad er over heen, slaat het overstekende onderstuk er, bij wijze van sluitenden rand, omheen, en laat den koek, niet te langzaam, gaar bakken.

Hij mag slechts donkergeel, niet bruin worden, en ook volstrekt niet in den oven uitdroogen, maar hij moet inwendig zacht blijven. Bij het uitnemen uit den oven, besprenkelt men hem, nog op de plaat, met een half kopje rozenwater, of, indien men dien smaak niet aangenaam vindt, met witten wijn. Dit recept is voor een grooten koek.

Voorheen geloofde ik niet aan den invloed van priesters op mannen, en wanneer ik op de straat, of buiten, een predikant ontmoette, nam ik den hoed af en dacht bij mijzelven: "Geef kinderen zoeten koek, en vrouwen zoeten most." Doch sedert mijn gelukkig gesternte mij naar M. gevoerd en met u in aanraking heeft gebragt, ben ik van dat vooroordeel voor goed teruggekomen.

Dan zet men het in den vorm nog anderhalf uur te rijzen, besmeert den koek met verdunde eijeren, en laat hem, in den goed gestookten oven, ongeveer 1 uur bakken. Rolkoek. Men neemt 6 o., 2 1/2 bloem, 3 o., 7 1/2 l. boter, 1 1/2 o. suiker, 3 eijeren, 5 l. gist, 1 1/2 m. melk en 1 theelepel zout.

Je zoudt er wel kommen met 'en daalder." "'En daalder op je oogen." Deze en dergelijke waren de gesprekken van de kunstbeschouwers voor het raam van dit atelier. Op den hoek van 't huis hing een groot uithangbord, waarop de bekende geschiedenis van den Zoeten Inval stond afgebeeld, en daar onder "H.P. De Groot. Alle zoorten van koek en kleyngoed."

Wy zagen 'er eene groote meenigte van aan den voet van den boom op den grond verspreid leggen; zy hadden een smaak van zoete koek. Uit zyne wortels druipt eene gom, die, behoorlyk toebereid zynde, een vernis oplevert, het welk in helderheid en gebruik geen weêrgaa heeft. De meenigte schoone boomen van onderscheidene zoorten, welke dit Land oplevert, is waarlyk eindeloos.

Pruik: iets of wat links. "LUKAS DE BRYER, op het Vaderland. Vaderland, koek en amandelen. Ik ga in de maneschyn wandelen. Koek, vaderland en brandewyn, Ik ga wandelen in de maneschyn. Vyf vingers heb ik aan myn hand Ter eer van 't lieve vaderland." Zangerig, zei meester, zeer zangerig! Er is diepte in die koek niet brandewyn, en 't vaderland daartusschen. Pruik: rechts.

Dat wij alles voor zoete koek zullen moeten opeten, wie heeft dat ooit op de viool hooren spelen? Er is gezworen, dat wij aan geen verzet zullen denken. Opperbest, dat zullen wij ook niet. De raad der oudsten kan over ons beslissen, al wat hij wil, verzetten zullen wij ons in geen geval. Maar tusschen verzet en list is een groot onderscheid. List, dat is de ware Jacob.

Maar, pardof! een tweede been plofte in de pan, en ... de koek lag weer in de asch! "Sapperlot", vloekte Jan, "al twee bedorven!" Hij gooide het been bij het andere en ging weer aan 't werk, ongelukkiglijk met hetzelfde gevolg, want nu viel er een menschenarm in de pan, en de koek was weer om zeep.

Juffrouw Rika was ijverig in de weer met het schenken van koffie, die ze met een schaal vol koek door een jonge dienstbode den gasten aanbieden liet. Een paar keurig-gekleede meisjes van acht of negen jaar, blijkbaar uit den hoogeren stand, logeergasten uit Utrecht, stoeiden ongehinderd samen in een hoekje van de groote salon.

Woord Van De Dag

êken

Anderen Op Zoek