Vietnam or Thailand ? Vote for the TOP Country of the Week !
Bijgewerkt: 25 oktober 2025
Bij de brug over de uitgedroogde slotgracht zat een grijsaard en staarde somber voor zich uit. Zijne kleeding toonde aan, dat hij betere dagen gekend had; de stof moest eens fraai en kostbaar geweest zijn, maar was thans vaal en versleten. De oude leunde met het hoofd op de hand en peinzend speelden zijne vingers met zijn langen, grijzen baard.
Maar zoo diep gingen onze gedachten niet. Ze bleven aan de algemeene oppervlakte, onder suggestie van het partijdig gekleurde woord »afgescheiden". En zoo sterk was die suggestie, dat ik bij die breed-bleeke ei-klank nooit dacht aan een frisschen zeemanskop, maar aan een vaal, gelig-wit bakkersgezicht, met meel bestoven fletsheid.
De aanhoudende droogte, die het geheele land van de kust af tot hier toe vaal had geschroeid, had den waterspiegel tot ver beneden het gewone peil doen dalen, en land gemaakt waar anders water is; de blinkende zoom van het meer lag nu wel een twintig minuten rijdens ver van het oeverdorp af. Van hier gezien pas toont het landschap de ontzaggelijke grootte van zijn afmetingen.
Hij liep met naar den grond gebogen hoofd naast zijn metgezel voort, bedaard stappende, ietwat schuiflend met de in leêren pantoffels gestoken voeten. Hij droeg een vest zonder mouwen dat vaal geworden was in weêr en wind, verschoten door de zon, boven een blauw boezeroen waarvan de mouwen met een breeden boord sloten om de polsen.
Frans zat er bij om de gegeven bevelen van den geneesheer getrouw te volbrengen, en Geertje sloeg den vaal rooden doek weder om, want ze had door al het gebeurde haar belofte niet vergeten, om voor de belangen der beangste Mathilde en den belasterden zoon alles te doen wat haar zou mogelijk zijn.
De bewoners van Azië zouden nooit hebben vernomen, wat hier in die bergen verborgen lag, zoo Engelschen en Duitschers het hun niet hadden medegedeeld. Geschiedenis, kunst en wetenschap, alles is hun volkomen onverschillig. Even vaal en kleurloos als hun uitwendige omgeving, is ook de geest dezer volken.
De blauwe dag lichtte zachtjes over de daken. Het water lag somber en onrustig, eenzaam de grijze kaai. Johan Doxa stond hijgend tegen het ijzeren schut en zijne blikken loerden rond. Hoe bang roerde het water! Hoe vaal rees de bevende morgen! Hoe duister en heimelijk wachtte ginds die hooge boot!... Hee! Hee! daar vaart een klare schim langs Johan voorbij. Het is een lange magere schim.
Het zag er somber uit, alles grauw en vaal met een egaal-grijze doffe tint "echt weer om heerlijk in mijn kamer te gaan zitten, met den rug naar het raam en het gezicht naar het vuur," had Cécile 's ochtends gezegd.
Zij sloeg, de boodschap aanhoorend, een koffiezakkig vaal omslagdoekje over haar violette oude jurk, met vetkleuren om de randen der mouwen en onder de armen, en keek wild-schrikkerig in het opschijnende licht van de buitenstraat. Toen slemierde zij de deur uit.
Daar viel een bekende gedachte als een vaal pakje door de warreling harer gudsende hersens, en brak open en bloeide op, hel-lichtend in den purperen kolk van haren waanzin. Zij zat in de warande en was immers aan 't denken, aan 't denken aan het geluk? Hoe was 'et ook weêr?
Woord Van De Dag
Anderen Op Zoek