Vietnam or Thailand ? Vote for the TOP Country of the Week !

Bijgewerkt: 20 december 2025


De grootste groep van nederlandsche geslachtsnamen, of liever die groep welke het grootste aantal namen omvat, is zonder twyfel de groep die uit namen bestaat, welke met het voorvoechsel van zijn samengesteld. In der daad, zulke namen komen uit der mate veelvuldig voor by het nederlandsche volk.

Woonde de eene Govert in een huis, waar »Daniel in den Leeuwenkuil" in den gevel stond Govert in den Leeuwenkuil eerlang ook enkel Govert Leeuwenkuil zoo noemde hem de openbare volksstem; terwijl de andere Govert, aan wiens huis geschreven stond: »dit es yn den Wulff", dien ten gevolge den naam kreeg van Govert de Wolf. Zeer velen van deze by- en toenamen zijn later vaste geslachtsnamen geworden.

Speceryen, keukengroenten en andere voortbrengselen uit het plantenrijk, die eene rol spelen in het dageliksche leven der menschen, hebben hunne namen ook moeten leenen tot het formen van geslachtsnamen.

By den rijkdom van onzen vaderlandschen bodem aan stroomen en rivieren, enz. is het natuurlik dat er ook vele geslachtsnamen van ons volk ontleend zijn aan de namen van zulke wateren. Deze geslachtsnamen zijn in den regel uit zich zelven duidelik genoeg, en eischen weinig nadere verklaring. Eene eerste plaats onder de namen der kleine rivierkes in Nederland, neemt de naam A of Aa in.

Deze man-namen behooren dus eigentlik niet in deze afdeeling; zy zijn dan trouens ook reeds op bl. 293 vermeld en behandeld. Nevens deze eenvoudige man-namen staan de patronymika daarvan, die ook eene niet kleine groep van nederlandsche geslachtsnamen formen. Het zijn allen eenvoudige nederlandsche tweede-naamvallen, en gaan dus allen op s, op mans uit.

Eindelik komen onder de nederlandsche geslachtsnamen nog eenige weinigen voor, die de namen zijn van oude Grieken en Romeinen; b. v. Caesar en Cezar, Milo, Plato, Scipio, Felix en Julius. De beide laatstgenoemden zijn minder vreemd, wijl ze ook als mansvóórnamen onder ons in gebruik zijn.

De algemeene naam van de orde der visschen, vertegenwoordigd door de geslachtsnamen Vis, Visch, De Vis en De Visch, moge hier weer den byzonderen vischnamen voorafgaan. De Haay, Steur, De Steur en Van der Steur, Rog, Paling, Maeckereel, Schol, Bot, Both, De Both en Botvis, misschien ook Botje zie bl. 398. Volgens De Navorscher, dl.

Van Dokkum, Van Oosterzee, Van Leens, enz. Het aantal dezer geslachtsnamen, in de Nederlanden inheemsch, is verbazend groot. Geformd van plaatsnamen uit alle gewesten, treft men ze in al onze provinciën menigvuldig aan. Toch is de verspreiding dezer namen over alle deelen des lands geenszins gelijkmatig.

Het is een meer hoog- als nederduitsch, veel min nog nederlandsch gebruik, om geslachtsnamen, aan plaatsnamen ontleend, op deze twee wyzen te formen. Het oorbeeldig-nederlandsche gebruik eischt het voorzetsel van vóór den plaatsnaam, die als geslachtsnaam dienst doet.

Al de vreemde, uit vreemde talen oorspronkelike namen, met al de namen die onnederlandsche formen vertoonen, en al de namen die aan vreemde plaatsnamen ontleend zijn, maken met elkanderen wel de groote helft uit, zoo niet drie-vierde-deelen, van alle geslachtsnamen die door nederlandsche Israëliten worden gedragen. Hunne overige namen zijn goed-nederlandsch van form en oorsprong.

Woord Van De Dag

drenthiae

Anderen Op Zoek