Vietnam or Thailand ? Vote for the TOP Country of the Week !

Bijgewerkt: 1 oktober 2025


Rijkdom en macht beteekenen, dat men beschikken kan over den arbeid van anderen. De kloosters zagen zich, rijk en machtig geworden, ontheven van de noodzakelijkheid om van eigen arbeid te leven; de mogelijkheid was hun geopend, van anderer arbeid te leven, en zij maakten van die mogelijkheid natuurlijk gebruik. Met al de gevolgen, die hieruit noodwendig moeten voortvloeien.

Een zoo onbepaald gezag moet in de daad noodwendig ten hoogsten behagen aan iemand, die zeer waarschynlyk in zyn vaderland, in Europa, een niets beduidend wezen was.

Deze galeiboef ging het lijk in de rivier werpen. Het verdient opmerking, dat deze galeiboef, vóór hij aan het uitgangshek kwam, reeds zeer verre door het riool was gegaan, en noodwendig een schrikkelijken modderpoel had ontmoet, waar hij het lijk had kunnen achterlaten; doch dan zouden de rioolruimers bij 't schoonmaken den volgenden dag terstond den vermoorden man hebben gevonden, 't geen de moordenaar niet wilde.

Een vijfjarig verblijf en verdwijning tusschen deze vier muren hadden noodwendig alle redenen van vrees vernietigd of verdreven. Gerust kon hij onder de menschen wederkeeren. Hij was ouder geworden en alles was veranderd. Wie zou hem nog herkennen?

Is het kenmerkende meer toevallig aan de zelfstandigheid eigen, dan spreekt men van ~hoedanigheid~; is dat kenmerkende aan het bestaan der zelfstandigheid noodwendig verbonden, dus van blijvenden aard, dan gebruikt men ~eigenschap~. Als een blad papier dik of dun, goed beschrijfbaar, geel of wit is, zijn dat hoedanigheden; men kan immers deze hoedanigheden anders maken, zonder dat de stof ophoudt papier te zijn.

Bij de dieren echter zijn de twee uiteinden der reeks voorgoed vastgesteld. Want zoolang het natuurlijke stelsel van kracht zal zijn zullen noodwendig de zoogdieren de bovenste, de afgietseldiertjes de onderste plaats innemen. Er is dus, voor dieren zoowel als voor planten een Orde, voortvloeiende uit de "middelen", ingesteld in de natuur door den Oppersten Schepper aller dingen.

Het verweren der rotsen, het doordringen van hare bestanddeelen tot aan de wortels der planten, dit alles is in vaste natuurwetten als noodwendig aangetoond. De meteoroloog geeft rekenschap van het opstijgen der lucht, en kent de oorzaken der stroomen, die de zamenstelling des dampkrings alom gelijkmatig bewaren, ja!

Hij erkende, dat eene dezer gedachten noodwendig goed was, terwijl de andere slecht kon worden; dat de eerste de godsdienstige wijding, de andere de zelfzucht was; dat de eene den "medemensch" gold, de andere "zijn eigen ik," dat de eene uit het licht, de andere uit de duisternis voortkwam. Zij streden met elkander. Hij zag ze strijden.

Niet anders zal het gaan in het groote huisgezin dat men Staat noemt. Staat dit onder uitsluitend mannelijke leiding en mannelijken invloed, dan moeten noodwendig de wetten waaronder de burgers, dat zijn de leden van dat groote gezin, leven, eenzijdig zijn.

Gij wilt van deze en van zoo vele andere verschijnselen den grond kennen. Gij wilt zien aangetoond, dat zij aan wetten gebonden, dat zij noodwendig zijn. Gij wilt weten, waardoor zij tot stand kwamen, en hoe zij zich handhaven.

Woord Van De Dag

êken

Anderen Op Zoek