Wel hield hij van zijn kind niet minder al dan het gros der vaders, die niet kortweg onmenschen zijn. Maar dóórdringen in het jonge gemoed, meeleven met het jonge leven de man had er nooit aan gedacht; en wie hem dit onder het oog zou hebben gebracht als eene tekortkoming, die zou Hebreeuwsch tot hem gesproken hebben.

"Maar hoe kunt gij dit alles weten?" "Wel, het stallichtje, het voetpad en de opening in den muur zijn niets dan listen en strikken, door deze onmenschen aangewend om reizigers te vangen." "En wat doen zij met de reizigers?" vroeg ik, huiverend van angstig voorgevoel. "Wat zouden zij er mede doen?

Dichte rookwolken maakten het uitspansel donker, en de roode vlammen verlichtten het met een fantastischen gloed. »Die onmenschen!" mompelde een der toeschouwers. »Beulen zijn het, onmenschelijke beulen!" knarsetandde een ander, terwijl hij het schouwspel met een van woede verbleekt gelaat aanzag. »Hoe zij daar weer huishouden! Mannen, vrouwen en kinderen worden vermoord en uitgeschud.

Deze onmenschen stelden bedaagde vrouwen en jonge maagden, bejaarde mannen en jongens aan alle laagheid en wreedheid bloot, die een verdorven verbeelding uitdenken kan. Ruwe benden zwierven in alle richtingen rond, om goud te zoeken. Het weinige geld, dat de gelukzoekers hadden meegebracht, was al spoedig verteerd. Zij waren in de diepste armoede en ellende gedompeld.