1 - 8 a 8
Immers, wanneer men nagaat, een hoe veelvuldige verscheidenheid van menschelijke lichamen er is, veroorzaakt door het verschil in leeftijd, geslacht, landstreek, klimaat, opvoeding, bedrijf en levenswijze; welke oneindige verschillen er zijn in zooveel duizenden kruiden, die elk op een andere plaats groeien, om nog maar te zwijgen van de overige geneesmiddelen; vervolgens, hoevele soorten van ziekten er bestaan, waarvan er volgens Plinius driehonderd met name zijn overgeleverd, nog daargelaten de onderverdeelingen dier soorten, waarvan hij het oneindige aantal licht zal bevroeden, die, om maar eens een voorbeeld te noemen, weet, hoeveel variëteiten de naam koorts alleen inhoudt; en zonder te letten op de nieuwe ziekten, die er dagelijks bijkomen, en wel in zulke mate, alsof zij volgens onderlinge afspraak den strijd met onze wetenschap hadden aangebonden, om nog niet eens te spreken van de meer dan duizend gevallen van vergiftiging, waarvan iedere soort een bijzonderen dood ten gevolge heeft en dus een afzonderlijk geneesmiddel vereischt; nog niet eens medegerekend de dagelijks voorkomende gevallen van struikeling, val, fractuur, brandwonde, verstuiking, verwonding en dergelijke, welke gevallen bijna even sterk in aantal zijn als de menigte der ziekten; indien men eindelijk overweegt, hoe groote moeielijkheid er verbonden is met het waarnemen der hemellichamen, die men noodzakelijk moet kennen, daar anders dikwijls vergift zal zijn, wat men als geneesmiddel toedient; terwijl ik maar met stilzwijgen voorbijga de dikwijls bedriegelijke symptomen van ziekten, hetzij men de kleur beschouwt of de teekens der urine onderzoekt of den polsslag waarneemt, daar het den schijn heeft, alsof de ziekten er zich op toeleggen, om haar vijand, den arts, te bedriegen en te misleiden; als men dit alles nagaat, dan doen zich van alle kanten zooveel moeielijkheden op, dat ik die zelfs bezwaarlijk alle zou kunnen opsommen.